
(Verse 1) Wachten is nooit je sterkste punt geweest. Wat je wilde, kon maar beter gauw gebeuren. Van ’t moment dat je naar school mocht, leek je leven al bepaald. Door verwachting hoe het morgen wel zou zijn. (Verse 2) Kinderen zien minuten als een uur. Zien hun leven als verzameling van dagen. Waarin geen plaats is voor geduld, Dat stelt de toekomst enkel uit. Want morgen komt het antwoord op je vragen. (Verse 3) Wachten is nooit je sterkste punt geweest. In je kinderjaren zoek je naar de zon. Tot je doorkrijgt dat jet leven met je ouders niets meer biedt. Dat je jeugd pas op je twintigste begon. (Verse 4) Trouwen bracht die vrijheid dichterbij. Leek de kansen op geluk weer wat te keren. Tot je zag dat niet in elke vrouw en moeder voor je schuilt. Je had tien jaar nodig om die les te leren. (Chorus) Maar dan komt zij … dan komt zij … En eerst geloof je het niet, je wist niet wat er gebeurt Je denkt dit gaat wel voorbij, zo is het nog steeds gegaan. Maar dit keer is er toch iets, een gevoel dat blijft zeuren. En je denkt dan : misschien dat zij … voor mij … dat wij … (Verse 5) Wachten is nooit je sterkste punt geweest. Wat je wilde kon maar beter snel gebeuren. Waar je vrijheid ligt, ontdek je pas Wanneer je ’t zelf moet doen. Weer op moet bouwen wat nooit is geweest. (Verse 6) Jaren van je leven gaan voorbij. Tot je ontdekt dat er nog ergens iets ontbreekt. Wat geen geld kan kopen, Wat je met reizen ook niet vindt. Er is een eind gekomen aan je jeugd … (Chorus) Maar dan kom jij … dan kom jij … En ik herken het nog niet, wat staat te gebeuren. Hoe lang het nog duurt … en hoe het zal gaan. Maar één ding staat vast, ik zal erop wachten. Want ik denk, misschien dat jij … voor mij … dat wij … Instrumental solo (Verse 7, young female voice) Vijfendertig jaren zijn voorbij. Ze zijn vervlogen voordat je het weet Niet kunnen wachten is een eigenschap die ik met je deel ‘t Is iets dat een van ons soms wel vergeet Veel van wat ik leerde kwam van jou En van die ander met wie wij je leven deelt. Die op ons beiden steeds opnieuw weer wachten zou Die daardoor wel nog steeds een hoofdrol speelt (Chorus) Want dat zijn wij, dat ben jij … En ik herken het intussen, het zal steeds gebeuren Hoe lang het ook duurt, het moet zo wel gaan Maar een ding staat vast, ’t is waard om te wachten Want ik weet het nu wel .. dat jij .. voor mij .. dat wij …

